De aanhouder wint… een slapend kind

slapeloosIk ben twee en ik zeg nee.
Ammehoela.

Dat hele peutergedoe begint hier al met 19 maanden. “Neeneenee mama”, klinkt het te pas en te onpas. En er gaat geen hap groente in.
Allemaal prima, vond ik het. Zelfs best grappig soms. Zolang ik de avonduren, die me als moeder heilig zijn, maar lekker als opvoedvrije tijdszone kon behouden.

Maar nee, de prepuberende peuter heeft nu bedacht dat het na 6 boekjes en een uitgebreide knuffelsessie nog geen bedtijd is. En onder het motto: waarom vredig gaan slapen als het ook met grof geschut kan?, zet hij het sinds een paar dagen op een hysterisch krijsen zodra ik aanstalten maak om hem in zijn bed te leggen. Een fase. Weet ik wel.

Maar ik kan daar vrij slecht tegen.

Uit ervaring (we hebben deze fase eerder weten te overleven toen zoonlief met 14 maanden zijn bed ineens tot zijn grootste vijand begon te zien), weet ik: we moeten dus weer methodisch te werk om de avonduren terug te winnen. Er is immers geen kinderprobleem waar ‘de deskundigen’ geen oplossende methode voor hebben verzonnen. Je moet alleen even kiezen uit de 387 verschillende, tegenstrijdige aanpakken die ‘het beste werken voor je kind’.

In het geval van het Nooit Meer Slapen Doemscenario, zijn er vier bekende manieren waarop je als ouder de schade (vooral voor jezelf) kunt beperken. Namelijk:

1. De laat maar krijsen-methode

Deur dicht trekken. Babyfoon uitzetten en het volume van de tv wat harder. En dan maar wachten tot het stil wordt. Daar komt het bij deze methode zo’n beetje op neer. Kan uiteraard alleen bij kinderen die niet zelf uit bed komen en is alleen geschikt voor ouders die gemaakt zijn van staal (of steen). Ik zou willen dat ik van staal of steen was. Want het schijnt nogal effectief te zijn.

2. De laat maar krijsen maar wel met troostmomentjes-methode

Gecontroleerd laten huilen, noemen ze dat. Wat betekent dat je je kind laat huilen, maar wel om de zoveel minuten (eerst 3, dan 6, dan 9, geloof ik) terug gaat om te laten zien dat je in de buurt bent. Die tussenpozen maak je steeds langer, tot je kind uiteindelijk in slaap valt. En zo leert dat huilen niet helpt en zelf gaan slapen echt effectiever is.
Dit leek mij in de praktijk best een topmethode, maar zoonlief werkte niet echt mee aan de uitvoering. Ik heb het geprobeerd, maar na ieder susmomentje werd het verdriet groter zodra ik weer zijn kamer uitliep. Resultaat: na 1,5 uur nog steeds een brullend kind. En een in het water gevallen barbecue met vrienden.

3. De whatever, ik troost je wel als je in godsnaam maar gaat slapen -methode

Gewoon op schoot houden en wachten tot hij slaapt. Lekker rustig en zo af en toe ook best heel lekker, zo’n slapende peuter die tegen je aan ligt te kroelen. Maar dat dacht mijn moeder vroeger ook bij mij. En die zat vervolgens drie jaar lang elke avond mijn hand vast te houden. Met een hernia als gevolg. Dus deze methode lijkt me, gezien de genen die ik heb doorgegeven aan mijn zoon, te gevaarlijk. En ik geloof ook niet dat er één deskundige is die ‘m aanraadt…

4. De ik ben bij je maar negeer je-methode

Ja, dat is ‘m. Voor ons dan. Geen gekrijs, geen rugpijn: alleen een kleine opoffering van je avond. Veel meer dan een stoel en wat geduld heb je er niet voor nodig. De stoel zetten we naast het bed van zoonlief. We zorgen vervolgens dat hij rustig is als we hem in bed leggen en vertellen dat we écht niet weggaan. Dan gaan we naast hem zitten. Met het licht uit. We zeggen niks meer. Leggen hem hooguit terug als hij gaat staan. En wachten. Tot zijn ademhaling regelmatig wordt en we weg kunnen glippen. Dat kan even duren. En je been kan gaan slapen. Of je kunt zelf gaan slapen. Of even met je telefoon spelen. Maar het moment komt echt dat je een vredig slapend kind hebt. De dag erna herhaal je het hele riedeltje. En de dag erna ook. Bij ons was het de laatste keer een kwestie van zoonlief wegleggen, even gaan zitten en na tien minuten, zonder krijsconcert te hebben gehoord, weer beneden zitten. Na een paar dagen kun je bij de deur gaan zitten. En als dat goed gaat op de overloop. Om na een week weer gewoon naar beneden te gaan zodra je kind in bed ligt. In het gunstigste geval.

Bij ons staat de stoel weer klaar voor een weekje methodisch bikkelen. Ik zal er vast uren doorbrengen. Misschien kan ik er eens beginnen met mediteren. Mijn mantra? Hetiseenfasehetiseenfasehetiseenfase.

Want dat is uiteindelijk toch wat de moeder moed geeft in bange dagen.

Het boek ‘Go the F*k to sleep’ (zie foto) kocht ik lang voor ik zwanger was in Amerika (gewoon, omdat het hilarisch is). Inmiddels is het ook in het Nederlands vertaald. Helpt voor geen meter. Maar relativeert wel.

 

 

 

Post a comment

You may use the following HTML:
<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>